![]()
| Land van oorsprong: | Groot Brittanië |
| Originele rasstandaard: | 22 januari
1990 - FCI rasstandaard no. 339 12 juli 1991 |
Rasomschrijving
| Kenmerk | Omschrijving |
| Algemene verschijning | Degelijk, actief en lenig, gebouwd voor snelheid en uithoudingsvermogen. |
| Karakteristieke kenmerken | In de aard een werkende Terriër met de aanleg en bouw om onder te lopen met de hounds mee te lopen. |
| Karakter | Onverschrokken en vriendelijk. |
| Hoofd en schedel | Vlak, van middelmatige breedte, smaller wordend naar de ogen toe. Ondiepe stop. Lengte van neus tot stop iets korter dan van stop tot achterhoofdsknobbel. De neus is zwart. |
| Ogen | Amandelvormig, redelijk diep liggende, donker met een levendige, geïnteresseerde uitdrukking. |
| Oren | Klein, V-vormig, naar voren vallend, dicht bij het hoofd gedragen, de vouw mag niet boven de schedel uitkomen. |
| Mond | Sterke, gespierde kaken. Gebit perfect, regelmatig, compleet en scharend, dat wil zeggen boventanden dicht over de ondertanden heenvallend en recht in de kaak staand. |
| Hals | Droog en gespierd, van goede lengte en naar de schouder toe geleidelijk breder wordend. |
| Voorhand | Schouders lang en schuin liggend, goed naar achteren geplaatst, schoften duidelijk gedefinieerd. Voorpoten sterk, volkomen recht, gewrichten niet in- of uitdraaiend. Ellebogen dicht tegen het lichaam, bewegend zonder het lichaam aan te raken. |
| Lichaam | Borst van middelmatige diepte, moet omspannen kunnen worden achter de schouders door handen van gemiddelde grootte, de rug is sterk en recht. De lendenen zijn licht gewelfd. In goede balans moet de lengte van de rug van schoft tot staartaanzet gelijk zijn aan de hoogte van de schoft tot de grond (hond is langer dan hoog). |
| Achterhand | Sterk, gespierd met een goede hoeking en een goed gebogen knie. Hakken laag en recht, in staat om veel snelheid te geven. |
| Voeten | Compact, met stevige zolen, niet in- noch uitdraaiend. |
| Staart | Sterk, recht, hoog aangezet. Gewoonlijk gecoupeerd op een lengte die in verhouding is tot het lichaam en een goed handvat vormend. |
| Gangwerk | Vrij, levendig en goed gecoördineerd. In beweging komen voor- en achterpoten recht neer. |
| Vacht | Van nature stug, gesloten en dicht, ruw of glad. Buik en onderzijde behaard. De huid moet dik en soepel zijn. |
| Kleur | Geheel wit of met tan, lemon of zwarte aftekeningen, bij voorkeur beperkt tot het hoofd of de staartaanzet. |
| Grootte | Reuen ideale schofthoogte 35 cm. Teven ideale schofthoogte 33 cm. |